BioBelevenis

Verhalen uit de natuur

Verhalen uit juni 2020

Een aantal mensen hebben wat bijzondere dingen meegemaakt die ze graag willen delen met de rest van de wereld. Deze maand zijn de verhalen van Wilma Busscher @wilma_hobbyfotografie, Ilse Grisnich @Natuurlijkfotografie, Wiebke Eefting @dailyduck2020 & Lydia Rensink @Lydia_Rensink hieronder te lezen.

Wil je jouw verhaal ook terug zien? Mail het dan naar Bastiaan@biobelevenis.nl of gebruik de #BioBelevenis op instagram.


Wilma Busscher met: libellen en juffers

Tijdens de wandelingen die ik regelmatig maak kom ik zoveel moois tegen, daarom neem ik tegenwoordig mijn camera mee om al dat moois vast te leggen en dit keer zijn dat de libellen en de juffers.

Toen ik met mijn camera op pad was om kikkers te gaan fotograferen viel het mij op dat er ontzettend veel libellen en juffers zijn in deze periode van het jaar. Dus heb ik daar mijn focus opgelegd.

Het zijn ontzettend mooie beestjes, ze zien er zo breekbaar uit met hun doorzichtige vleugeltjes. Sommigen hebben prachtige kleuren en vallen gelijk op, anderen moet je echt naar opzoek omdat ze wegvallen in de omgeving. En er zijn zoveel verschillende soorten libellen en juffers. Hun mooie bolle oogjes vind ik ook echt geweldig.

Ik heb enorm genoten van het maken van de foto’s en het bestuderen van de kleine beestjes. Het enige dat nog op mijn verlanglijstje staat is het fotograferen van een vliegende libelle of juffer. Dat is mij helaas nog niet gelukt omdat ze zo ontzettend snel zijn. Maar wie weet lukt het binnenkort, ik blijf het gewoon proberen!


Ilse Grisnich met: De witte huismus

Na het lezen van deze titel denk je misschien, “een witte huismus?” dat kan niet. Dat is precies wat ik ook dacht.. en toch bestaat het! Ik zal je in dit verhaal vertellen hoe ik oog in oog heb gestaan met een witte huismus!

Op een zondagmiddag zat ik aan de keukentafel en keek naar buiten. Een aantal huismussen streken neer en struinden rond in de tuin. Tot nog toe geen bijzonderheden. Totdat, ik uit het niets ineens iets wits voorbij zag vliegen. Mijn nieuwsgierigheid was gewekt en ik liep naar het raam. Tot mijn grote verbazing zag ik een wit vogeltje tussen de andere Huismussen. Ik keek nog eens goed en wist niet wat dit was. Ik pakte snel mijn camera erbij en maakte een paar foto’s uit de hand. Ik moest en zou dit op beeld krijgen. Helaas kreeg ik geen tijd om een mooie kwalitatief goede foto te maken want de vogel was alweer gevlogen maar ik heb wel wat foto’s kunnen schieten, die ik graag met jullie deel!

Ondertussen begon ik na te denken wat dit nu toch kon zijn? Ik bedacht dat het misschien een soort Kanarie was die gezelschap zocht bij een groepje huismussen. Toch lukte het me niet om dit rond te krijgen in mijn hoofd. Het was iets anders maar ik wist nog niet wat..

Een Albino? Het eerste wat in me opkomt bij dit woord zijn de rode ogen. Ik bekijk de foto’s eens goed. Nee, het beestje heeft geen rode ogen. Ook Hierbij voel ik dat er iets niet klopt. Maar wat is het dan?

Ik besloot meneer Google om raad te vragen. Na wat speurwerk kom ik een foto tegen van een wit vogeltje wat enigszins in de buurt komt bij wat ik op mijn foto zie. Ik lees een woord wat ik niet ken; “Leucisme”. Dit zou het wel eens kunnen zijn! Ik zoek er wat meer informatie over op. Leucisme is een afwijking wat tot een verminderde pigmentatie leid. Het zorgt voor een vermindering van alle types huidpigment waardoor een dier een (gedeeltelijk) witte vacht of wit verenpak kan krijgen. Bij een Albino ontbreekt alleen het pigment Melanine, wat resulteert in rode ogen en overgevoeligheid voor licht. Dieren met Leucisme hebben geen rode ogen. Als ik door de foto’s scroll zie ik duidelijk overeenkomsten met mijn witte gast. Nu durf ik de conclusie te trekken! Het witte vogeltje is een echte huismus met Leucisme.

Ik ben Ilse Grisnich. 20 jaar. Ik ben van jongs af aan zeer geïnteresseerd in natuur en natuurfotografie en doe dit dan ook bijna dagelijks. Ik zie en leer elke keer weer nieuwe dingen. Je kunt me vinden op instagram @Natuurlijkfotografie.


Weike Eefting met: De wilde eend, gewoon heel bijzonder!

Wie heeft die herinneringen niet: samen met papa, mama, opa of oma en een grote zak met brood naar het park om de eendjes te voeren? Je vroeg je nooit af waar je de hongerige, gevederde vriendjes kon vinden, ze waren er gewoon: de woerden(mannetjes eend) met hun fraaie iriserende koppen, de vrouwtjes in bescheiden bruin verenkleed. Je stond er niet bij stil hoe bijzonder die gewone eend eigenlijk is. Want dat is hij!

Toen ik vorig jaar een onderwerp ‘dichtbij huis’ zocht om te fotograferen, werd dat de eend, de meest algemene watervogel van Nederland. Er ging een wereld voor me open! Als je veel tijd besteedt aan het kijken naar de eend, ontdek je pas echt wat een bijzondere vogel het is. Wist je bijvoorbeeld dat de eend geen aanloop nodig heeft om vanuit het water op te vliegen? Hij stijgt als een helikopter recht omhoog. En heb je de fraaie krulveren van de woerd weleens goed bekeken? Een heel subtiel detail! Die veren zijn zelfs te koop.

En is het je wel eens opgevallen dat het mannetje na de zomer zijn fraaie veren kwijtraakt en een zogenaamd eclipse-kleed krijgt? Hij lijkt dan op het vrouwtje en hij kan dan niet vliegen. Dat is het moment waarop verontruste leden de vogelbescherming bellen met de vraag waar de woerden gebleven zijn. Hij heeft deze periode nodig om zich opnieuw in het prachtigste verenkleed te kunnen tonen.

Dat we onze kleine vogelvriend in ons hart gesloten hebben blijkt wel uit de hartverwarmende de verhalen die regelmatig de krant halen. Bijvoorbeeld de heldenacties van (motor-)agenten die moedereenden helpen om met hun pullen de snelweg over te steken.

Het allermooist vind ik de waargebeurde verhalen waarin de eend de hoofdrol speelt. Het verhaal van Trevor de eend heeft veel indruk op mij gemaakt. Deze woerd belandde in 2018 na een storm op Niue, een klein eiland in de Stille Oceaan. Omdat zijn soort op het eiland niet voorkomt werd hij al snel tot “de meest eenzame eend ter wereld” gedoopt. De eilandbewoners namen aan dat Trevor uit het zo’n 3000 (!) km zuidelijker gelegen Nieuw-Zeeland kwam en ze zorgden goed voor hem. Trevor had zijn eigen facebook-pagina en werd wereldnieuws. Media uit onder meer Nieuw-Zeeland, het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Australië, de VS, Tanzania, Italië, Rusland en Canada deden verslag van Trevors leven op Niue. Helaas kwam daar een jaar later een eind aan, hij werd doodgebeten door een roedel honden. Ook dat haalde de internationale nieuws. Het Nieuw-Zeelandse parlement heeft de inwoners van Niue zelfs gecondoleerd met hun verlies.

Eendjes voeren doe ik niet meer, nu ik weet dat dat voor eenden helemaal niet zo gezond is. Het vette en weinig voedzame brood is eigenlijk junkfood voor eenden.

Maar ik krijg steeds meer bewondering voor deze gewone maar o zo bijzondere vogel. Ik doe dan ook van harte mee aan het onderzoek van sovon en vogelbescherming, waarmee achterhaald moet worden hoe het komt dat de eenden stand terugloopt. Ik geef mijn waarnemingen door in de kuikenteller (www.kuikenteller.org ). Want de eend moet blijven!


Lidi Rensink met: Struinen op een schiereiland

De Landtong Rozenburg, ingeklemd tussen het Calandkanaal en de Nieuwe Waterweg. ‘De groene parel van de Rotterdamse haven’ ook wel genoemd. 

De door mensen gemaakte, hoog gelegen vlakte van gronddepots heeft zich hier in enkele tientallen jaren spontaan ontwikkeld tot een ruig duinachtig landschap. 

Dit is de locatie waar ik zo geniet, en voor mij ook nog eens vlak naast de deur. Zodra ik vrije uren te besteden heb, ben ik er te vinden. Mijn stevige stappers aan, mijn camera om mijn schouder en gaan. De koeienpaadjes volgen die de Schotse Hooglanders hebben gemaakt is voor mij leukst. Dwars door de begroeiing gaan ze heen. Grappig ook dat je soms de plukken rood/bruinig haar aan de Duindoorns ziet zitten. Zij hebben geen last ervan met hun dikke vacht en huid, maar ik prik me nog steeds behoorlijk eraan. Klimmen en klauteren is het soms, met de hoogte verschillen in het gebied. En vanuit de begroeiing sta je ineens weer in een mooi dal.

Op deze luwe plekken zitten op het moment veel vlinders. De eerste piek van de Icarusblauwtjes is geweest. Maar die hebben flink voor nageslacht gezorgd. Ook kan ik niet wachten tot straks de Watermunt in bloei staat, echte insecten trekkers zijn dat. Evenals het Jakobskruiskruid, waarop dit moment veel Zebrarupsen te vinden zijn. Ze strippen de gehele plant tot aan de stengel kaal. Waarna ze overstappen naar de volgende plant. Ze klampen zich vast met hun achterste pootjes, strekken zich reikhalzend naar hun buurplant en trekken zich op. Als er één valt, bijt hij zich bliksemsnel vast en hangt hij aan zijn kaak. Hij trekt zich op en begint te eten. Als de rupsen zich hebben volgevreten met de jakobskruiskruid, waar er genoeg van is in het gebied, zal hij zich verpoppen tot de sint-jacobsvlinder.

Ook heb ik de laatste tijd erg genoten van de Orchissen die bloeien binnen dit gebied. De Vleeskleurige en Riet Orchissen zijn al weer aan het uitbloeien, heel sporadisch kom je nog een Bijenorchis tegen en de Brede Wespenorchissen kunnen ieder moment gaan bloeien, als de grote grazers ze niet opgegeten hebben althans. Wat vaak wel het geval is helaas, naar mijn idee zijn het snoepjes voor de Hooglanders.

En dan hebben we nog de vogels onderweg..

Tijdens mijn struintochtjes staan mijn oren dus ook altijd op scherp, want vogels spotten doe je immers met je oren en met een beetje geluk laten ze zich zien. Om ze dan vast te leggen met de camera is voor mij nog een dingetje, want zodra ik heb scherpgesteld zijn ze al gevlogen. Braamsluipers, Roodborsttapuiten, Zwartkopjes, Boomkruipers, Nachtegaal, Putters, de Kneu enz, enz. Ik kan wel een hele lijst maken met de vogels die hier allemaal leven. Ook de Houtsnip ben ik wel eens tegengekomen en in het voorjaar zag ik zelfs wulpen en tapuiten aan de waterkant. De Waterral verblijft in het gebied, helaas ben ik die nog niet tegengekomen. Die leven immers ook een verborgen bestaan.

Maar de Lepelaars zijn dit jaar wel het meest bijzonder. Voor het eerst hebben wij broedparen gehad op onze Landtong. Laatst keek ik, op afstand uiteraard bij een nest, het nest was verlaten. Dan maar op zoek aan de waterkant, ja hoor daar was onze Landtong familie. Zo trots was ik. Wat prachtig dat ze nu ook in de Rotterdamse haven hun veilige thuishaven hebben gevonden. 

En hopelijk mag het een thuishaven blijven voor vele bewoners van dit gebied. Dat is nog steeds maar afwachten aangezien het gebied eigendom is van het havenbedrijf en zij het een perfecte locatie vinden voor het uitbreiden van de Rotterdamse haven. Wij Rozenburgers strijden er al lang voor, dit unieke gebied met de rijke flora en fauna moet blijven bestaan. Maar hoe lang zal het onaangetast blijven?!! Zal het hier net zo gaan als het vroeger gelegen natuurmonument “de Beer” wat aan de grond gelijk gemaakt werd voor de uitbreiding van de haven.. Laten we hopen van niet en laat ik nog jaren mogen gaan genieten van mijn struintochtjes, mijn biobelevenissen, mijn natuur! Laat ik me vasthouden aan het door jullie van biobelevenis uitgangspunt: “Wat men bewonderd, blijft bestaan” 

Leve de Landtong!!! 

2 thoughts on “Verhalen uit juni 2020

  1. Heel mooi verslag van wat je allemaal hebt ontdekt en vastgelegd. Hiermee krijg je net als wij een ontspannen gevoel en vergeet je de dagelijkse sleur. Bedankt voor je mooie foto’s.

    1. Hoi Jos,

      Deze verhalen zijn geschreven door bezoekers van de website. Dit heb ik dus niet zelf ontdekt en vastgelegd.

      Groetjes,

      Bastiaan van Gemert

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *